1 november 2012. ‘Een huidrots van water’, een diepgaande en lovende bespreking van gestamelde werken door Piet Gerbandy verscheen deze week in De Groene Amsterdammer. Piet Gerbrandy: “Wie van enige afstand naar een impressionistisch schilderij kijkt, ondergaat een explosie van kleur die desondanks te duiden valt als weergave van de werkelijkheid. De schilder heeft een methode van versplintering gehanteerd om de indruk van een totaal te creëren. Wanneer je het doek van dichtbij bestudeert, neem je nog slechts vlekjes waar, losse elementen waarvan je je niet kunt voorstellen dat ze tot een coherent geheel behoren. Het is een merkwaardige paradox dat het zoveel techniek vereist om de natuur te kunnen benaderen.

Rozalie Hirs (1965), productief componist met een wetenschappelijke achtergrond in de chemie, is als dichter een impressionist die graag laat zien hoe ze te werk is gegaan. In plaats van splinters te laten opgaan in een natuurlijk geheel breekt ze gehelen af tot fonkelende scherven. Wat resteert is vaak gestamel, maar niet dat van een wanhopige dichter die het onzegbare niet weet te verwoorden. Hirs probeert eerder vrolijk en opgewekt het zegbare in factoren te ontbinden. Haar poëzie is door en door geconstrueerd, terwijl het uitgangspunt vaak een gorteriaanse zintuiglijke ervaring is. Ze schrijft sensitieve verzen die op eigenzinnige wijze een verbinding tot stand proberen te brengen tussen romantiek en mathematica.”